Banner
U bent hier:   Vanbreda Risk & Bene..  \  Nieuws \  WGA en Ziektewet – K..

WGA en Ziektewet – Keuze eigenrisicodrager of UWV


Inleiding:
Indien een werknemer ziek wordt, betaalt de werkgever gedurende de eerste twee ziektejaren minimaal 70% van het loon door. Is de werknemer na twee jaar nog ziek, dan beoordeelt het UWV of de werkgever en werknemer voldoende reintegratie-inspanningen hebben gedaan en of aan alle verplichtingen is voldaan. Als dit het geval is, zal er een WIA-keuring plaatsvinden met 3 mogelijke uitkomsten:
- Recht op een IVA-uitkering (Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten – voor volledig en 
  duurzaam arbeidsongeschikten)
- Recht op een WGA-uitkering (Werkhervattingsregeling Gedeeltelijk  Arbeidsgeschikten – voor gedeeltelijk
  (>35) arbeidsongeschikten) en voor volledig maar niet duurzaam arbeidsongeschikten)
- Geen recht op een uitkering (< 35% arbeidsongeschikten)

Alleen de WGA-uitkering komt gedurende maximaal 10 jaar voor rekening van de individuele werkgever. Die kan deze lasten verzekeren bij het UWV of eigenrisicodrager worden en het risico onderbrengen bij een verzekeraar. Dit geldt op dit moment voor WGA-uitkeringen aan werknemers, ontstaan vanuit een vast dienstverband, maar nog niet voor WGA-uitkeringen aan werknemers, die ziek uit dienst zijn gegaan en vervolgens in de WGA terecht zijn gekomen ( de zogenaamde “vangnetters”).

Omdat de meeste WIA-instroom vanuit een Ziektewetvangnetsituatie (ex-werknemers zonder werkgever) plaatsvindt, is op 1 januari 2013 de Wet Bezava in werking getreden met het doel het ziekteverzuim en de WIA-instroom te beperken van werknemers, die ziek uit dienst zijn gegaan of vlak na het einde van het dienstverband ziek zijn geworden.

Door deze wet Bezava is de werkgever vanaf 1 januari 2014 ook financieel verantwoordelijk geworden voor de Ziektewet-uitkeringen en eventuele WGA-uitkeringen van ex-werknemers. Deze komen nu dus ook voor maximaal 12 jaar voor rekening van de werkgever.

Premie Werkhervattingskas:
Vanaf 1 januari 2014 dragen werkgevers via de loonaangifte niet alleen de gedifferentieerde premie WGA-Vast (voor WGA-instroom vanuit een vast dienstverband), maar ook de gedifferentieerde premie ZW-Flex en WGA-Flex (voor ZW- en WGA-instroom vanuit een flexibel dienstverband) af aan de Belastingdienst.

De grootte van de onderneming bepaalt de wijze waarop de gedifferentieerde premies worden berekend. Kleine werkgevers (< € 319.000,- premieplichtige loonsom) betalen een sectorpremie, middelgrote werkgevers (> € 319.000,-
en < € 3.190.000,- premieplichtige loonsom) een premie die deels sectoraal en deels individueel is bepaald en grote werkgevers (> € 3.190.000,- premieplichtige  loonsom) betalen een individueel bepaalde gedifferentieerde premie.   

Tot 1 januari 2017 kan men kiezen om voor het risico WGA-Vast en ZW-Flex eigenrisicodrager te worden en vanaf dezelfde datum is dat ook mogelijk voor het risico van de WGA-Flex.

WGA-Vast en WGA-Flex en keuze UWV of eigenrisicodrager:
Vanaf 1 januari 2017 wordt de gedifferentieerde premie WGA-Vast en Flex samengevoegd en betaalt de werkgever nog maar één gedifferentieerde premie WGA, nl. voor zowel werknemers die vanuit een vast dienstverband als voor werknemers die vanuit een flexibel dienstverband in de WGA terecht komen. De lasten komen gedurende maximaal 10 jaar voor rekening van de werkgever.

Met ingang van 1 januari 2017 kan de werkgever ervoor kiezen dit risico te verzekeren bij het UWV of hier eigenrisicodrager voor te worden. In beide gevallen is de werkgever maximaal 10 jaar verantwoordelijk voor de WGA-uitkeringen en heeft hij daarom een aanzienlijk belang bij het beperken van de WGA-instroom.

Werkgevers, die op 1 januari 2017 al eigenrisicodrager voor de WGA-Vast zijn, krijgen het WGA-Flex risico er vanzelf bij. Wil een werkgever dan eigenrisicodrager blijven, dan dient hij voor 1 oktober 2016 een nieuwe garantieverklaring aan de Belastingdienst te overleggen (nl. ook voor het WGA-Flex risico).

ZW-Flex risico:
Werkgevers, die eigenrisicodrager voor de WGA zijn/worden, zullen hoogstwaarschijnlijk ook eigenrisicodrager voor het ZW-Flex risico worden. Om grip te krijgen op de WGA-Flex instroom is het zeker zinvol om ook grip te hebben op de ZW-Flex instroom. Eén en ander kan veel geld besparen.

Staartlasten:
De ZW- en WGA-lasten, waarvan de 1e ziektedag ligt voor 1 januari 2017, blijven voor werkgevers die op of na 1 januari 2017 eigenrisicodrager worden, achter bij het UWV.

Verzekeringsproducten:
Verzekeraars zullen hun producten op deze ontwikkelingen dienen aan te passen. De verwachting is dat de meeste voor de zomer met informatie hierover zullen komen. U dient daarbij te denken aan een 12-jaars product (2 jaar ZW en 10 jaar WGA).

Verplicht advies van de personeelsvertegenwoordiging (PVT) of ondernemingsraad (OR):
De PVT of OR heeft o.a. het recht u te adviseren bij het maken van uw keuze. Dit is geen vrijblijvende kwestie. Betrek dus ruim op tijd de PVT of OR bij uw besluitvorming.

Keuze:
De keuze om de risico’s bij het UWV te  verzekeren of eigenrisicodrager hiervoor te worden dient voor 1 oktober 2016 te worden gemaakt. Om een juiste keuze te kunnen maken, is een gedegen onderzoek noodzakelijk. Start daar dus op tijd mee. Tijd derhalve om nu al in actie te komen. Zie ook onze tijdsplanning hiervoor.

Vanbreda helpt u graag bij het maken van de juiste keuze bij dit complexe vraagstuk.

Contactformulier:
Vul dit formulier in. Wij nemen dan zo spoedig mogelijk contact met u op.